Powerstation is niet zomaar een producent van laadoplossingen. Dankzij lokale assemblage en een rechtstreekse samenwerking met installateurs kiest het bedrijf bewust voor een zakenmodel dat anders is.

De Belgische markt voor laadpalen boomt en zal tegen het einde van het decennium verdrievoudigen. Toch valt het Belgische Powerstation, een initiatief van serieondernemer Erik Groes, níét voor de verleiding van een quick win door massaproductie of absolute bodemprijzen. Het bedrijf bouwt laadstations die naast esthetisch vooral robuust en futureproof zijn, volledig geassembleerd in België. “Installateurs verdienen een kwaliteitsproduct met een gepast verdienmodel”, zegt Erik Groes. “Daar zetten we vol op in. Zoals Omega Pharma in directe lijn apothekers aansprak, werken wij rechtstreeks samen met installateurs. Geen groothandel, geen omwegen. Onze sector zit in een stroomversnelling en dan heb je nood aan partners die weten waar ze voor staan.”
Powerstation is geboren uit frustratie: “Vijf jaar geleden vond ik simpelweg geen mooie laadpaal op de markt”, gaat Erik Groes voort. “Dus ontwierp ik zelf de Powerstation Two, het resultaat van een weldoordachte investering in design en componentkeuze. We gebruiken Duitse controllers van Bender, onze zelfontwikkelde behuizing en laadklep is gepatenteerd en we assembleren het geheel lokaal in een beschermde werkplaats. Dat maakt ons onafhankelijk van een fabriek die op volle toeren moet draaien voor de rentabiliteit, waardoor we kunnen focussen op wat echt telt: hogere kwaliteitseisen”. De productie en de werking van Powerstation zijn lean (een managementfilosofie gericht op het creëren van maximale waarde voor de klant door verspillingen in productieprocessen systematisch te elimineren, red.) opgezet, met medewerkers die garant staan voor persoonlijk contact en een portefeuille van 1.500 tot 2.000 klanten. “We hebben al grote contracten geweigerd. Groeien mag, maar enkel als we tevreden klanten kunnen blijven bedienen.”


Installateurs staan er niet alleen voor. Het bedrijf ondersteunt hen met duidelijk opgestelde handleidingen, opleidingen vooraf en een foolproof montageproces. “Onze laadpaal komt kant-en-klaar van de band, met simkaart en instellingen. Je sluit hem aan en hij werkt. Bij andere merken kan de installatie complex zijn. Bij ons is het plug-and-play. We hebben onze tijd genomen om dat in orde te krijgen”, aldus Erik Groes. “Wie als eerste instapt in een regio krijgt daarvoor ook onze leads. We zijn niet op zoek naar honderden installateurs, wel naar sterke partners.”
Naast laadpalen biedt het bedrijf, zonder verplichting, ook een laadpas met een groot bereik aan.
De Powerstation Two levert de nodige prestaties met een laadvermogen tot 22 kW per socket en ondersteuning voor dynamic en solar load-balancing. De stroomaansluiting bevindt zich aan de onderzijde met een maximale belastbaarheid van 125 A. Dankzij modulaire opbouw, OCPP-communicatieprotocollen en connectiviteit via ethernet, wifi, 4G of UTP-kabel past de laadpaal zich naadloos aan verschillende omgevingen aan: van kmo’s tot grotere bedrijfsvloten. Firma’s kunnen zelfs hun eigen branding laten aanbrengen op de behuizing. Hoewel Powerstation een op en top Belgisch bedrijf is, werkt het ook met buitenlandse partners. Voor de particuliere klant verdeelt het de Volt Time Source 2S, een wallbox uit Nederland met ook een vermogen tot 22 kW en, conform de huisstijl, een designerjasje.
Ondertussen kijkt Powerstation vooruit. Naar de mogelijkheden van bidirectioneel laden bijvoorbeeld – al is volgens Erik Groes de aansprakelijkheidskwestie voor de batterij-impact daarover nog onduidelijk – maar ook biogebaseerde materialen voor de omkasting. Dat kan de palen interessant maken voor fleetmanagers die de druk van ESG-regelgeving voelen. “We hebben een start-up gefinancierd, Grounds Up, die koffiedik recyclet tot bekers en printmateriaal. Mogelijk gebruiken we die grondstof in de toekomst voor onze frontpanelen”, besluit Erik Groes.