Door Hans Smid
Nu de wereldwijde energieprijzen dit jaar naar verwachting met 24% zullen stijgen – de grootste toename sinds 2022 – is Europa bijzonder kwetsbaar, met energiekosten die twee tot vier keer hoger liggen dan in andere grote regio’s.
Tegen deze achtergrond zijn energie-efficiëntie en elektrificatie niet langer te beschouwen als ‘extra’ klimaatmaatregelen, maar economische noodzaak. Een versnelling hiervan kan tegen 2040 minstens 250 miljard euro besparing per jaar opleveren, waardoor de energievraag daalt, de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen afneemt en het Europese concurrentievermogen wordt versterkt.
De rol van gebouwen verdient hierbij meer aandacht. Ze zijn verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van het energieverbruik in Europa, maar tegelijk bieden ze ook een van de meest directe hefbomen voor besparing. De Energy Performance of Buildings Directive (EPBD) van de Europese Unie omschrijft precies wat vandaag nodig is: gebouwen moderniseren en digitaliseren, zodat ze beter presteren en bijdragen aan de langetermijncompetitiviteit van Europa. De uitdaging zit dus niet in nóg meer intenties of nieuwe ambities, maar in de uitvoering.
Want de technologie bestaat, en de businesscase is er. Heel mooi is dat we ook in België en Nederland inspirerende voorbeelden vinden, waar we ook zien dat energie-efficiëntie gewoon goed is voor de business. Kijk bijvoorbeeld naar de enorme impact van een gebouwbeheerssysteem bij Barry Callebaut in Lokeren. Of het inspirerende voorbeeld van Solar Nederland, waar een microgrid-oplossing hen toelaat slim in te spelen op energietarieven. Zo halen ze meer uit hun eigen opgewekte energie én houden ze grip op kosten.
Een belangrijk onderdeel van de EPBD is de uitrol van Building Automation and Control Systems, of BACS. Zulke systemen sturen onder meer verwarming, ventilatie, koeling, verlichting en energieverbruik slimmer aan. Niet op basis van veronderstellingen, maar op basis van realtime data en concrete noden in het gebouw.
Dat is geen detail. Slimme gebouwsturing maakt het verschil tussen een gebouw dat energie verbruikt zonder zicht op prestaties, en een gebouw dat actief bijdraagt aan efficiëntie, comfort en veerkracht.
Toch blijft de uitrol in veel landen te traag of te vrijblijvend. Dat is een gemiste kans. Zeker voor grote tertiaire gebouwen, zorginstellingen, kantoren, publieke gebouwen en industriële sites is gebouwbeheer vandaag veel meer dan een technische functie. Het is uitgegroeid tot een strategisch instrument om energiekosten te beheersen, operationele prestaties te verbeteren en organisaties weerbaarder te maken in een volatiele energiemarkt.
Initiatieven zoals AccelerateEU tonen dat Europa de urgentie begrijpt: de ambitie is minder afhankelijkheid van volatiele fossiele markten, meer eigen schone energie en een sterker energiesysteem. Maar versnellen lukt alleen als de bestaande wetgeving ook effectief doorwerkt tot op gebouwniveau.
Ook sectororganisaties spelen daarin een nuttige rol. Als voorzitter van eu.bac ben ik trots op onze “eu.bac guidelines for transposition of EPBD in Member States”. Dit document biedt praktische en overzichtelijke handvatten om de bepalingen rond gebouwautomatisering correct en efficiënt om te zetten. Zulke richtlijnen zijn belangrijk, omdat ze de brug slaan tussen Europese wetgeving en de dagelijkse realiteit van gebouwen, installateurs, facility teams en eigenaars.
De boodschap is dus eenvoudig: we hoeven niet te wachten op nieuwe technologie of nieuwe beloften. De oplossingen zijn beschikbaar en de wetgeving bestaat al. De vraag is niet langer óf we energie-efficiënte gebouwen moeten realiseren, maar hoe snel we de voordelen ervan willen benutten. Nu komt het erop aan om bestaande maatregelen snel, daadkrachtig en consequent uit te voeren.